panel 2

Wie is werkgever?

Hieronder vindt u een overzicht van de personen die bij de RSZ worden aangegeven als werknemer. U vindt er ook de regels die gelden bij grensoverschrijdende tewerkstelling.

Laatste update: 12 December 2012

Welke werknemers bij de RSZ aangeven?

De arbeidsovereenkomst

De belangrijkste categorie van personen die bij de RSZ zijn aangegeven als werknemer, zijn zij die werken in uitvoering van een arbeidsovereenkomst. Dit is een overeenkomst waarbij een persoon zich verbindt om tegen een loon prestaties te verrichten onder het gezag van een andere persoon.

Er is dus alleen sprake van een arbeidsovereenkomst indien uit de feitelijke toestand blijkt dat de drie elementen (prestaties, loon en gezag) aanwezig zijn.

Een werknemer is een persoon die tegen loon prestaties levert onder het gezag van de werkgever.
Een werkgever is een natuurlijke persoon of een rechtspersoon die personeel (werknemers) tewerkstelt.

Het is de werkgever die al zijn werknemers bij de RSZ moet aangeven.

Bij de meeste tewerkstellingen bestaat er geen twijfel over de aard ervan (werknemer of zelfstandige). Iemand met een vast maandloon, die 38 uren per week presteert, die aan de prikklok moet voorbijkomen, die zijn vakantie moet aanvragen en die moet luisteren naar wat de chef zegt, is duidelijk een werknemer. Iemand die investeert en ondernemingsrisico loopt, die zijn eigen werk organiseert en werkt voor wie hij wil en wanneer hij wil, is een zelfstandige. Tussen beide vormen van tewerkstelling ligt echter een zone waarvoor de situatie niet altijd duidelijk is.

Bijzondere gevallen

Voor bepaalde beroepen of hoedanigheden neemt de reglementering de twijfels weg. Zo is er wettelijk bepaald dat bepaalde personen steeds de hoedanigheid hebben van werknemer, ook al is er bij sommigen onder hen niet echt sprake van een arbeidsovereenkomst. Een overzicht.

Apothekers

Apothekers die werken in een voor het publiek toegankelijke apotheek waarvan zij geen eigenaar zijn, hebben het statuut van werknemer. Indien de partijen aantonen dat de apotheker niet werkt onder het gezag van de eigenaar of huurder, dan gaat het om een zelfstandige.

Bursalen

De volgende personen zijn altijd werknemer:

  • gerechtigden op een doctoraatsbeurs, vrijgesteld van belasting, en toegekend door een universitaire instelling en door een aantal welbepaalde instellingen zoals bv. het Algemeen Rijksarchief, de Koninklijke Bibliotheek van België, het Belgisch Instituut voor Ruimteaëronomie, …
  • navorsingsstagiairs, aspiranten en gerechtigden op een bijzondere doctoraatsbeurs van het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek
  • gerechtigden op een onderzoeksmandaat toegekend door het Vlaams Instituut voor de Bevordering van het Wetenschappelijk-Technologisch Onderzoek in de Industrie
  • gerechtigden op een specialisatiebeurs, onderzoeksbeurs of reisbeurs toegekend door het Instituut tot Aanmoediging van het Wetenschappelijk Onderzoek in de Nijverheid en de Landbouw of zijn rechtsopvolgers.

Personen die gerechtigd zijn op andere beurzen, zijn slechts werknemer indien zij hun prestaties leveren in het kader van een arbeidsovereenkomst (loon, prestaties en gezag).

Gelijkaardige bijkomende prestaties

Personen die werknemer zijn, kunnen voor dezelfde werkgever geen gelijkaardige bijkomende prestaties leveren als zelfstandige. Zo zal een administratieve bediende van een verzekeringsmaatschappij, die in zijn vrije tijd voor dezelfde maatschappij nog enkele verzekeringen verkoopt, de hoedanigheid hebben van werknemer voor zijn volledige prestaties.

Geneesheren in opleiding tot geneesheer-specialist

De personen die in een verplegingsinstelling een gereglementeerde opleiding volgen tot geneesheer-specialist, zijn steeds werknemers.

Goederenvervoerders

Chauffeurs die in opdracht van een onderneming goederen vervoeren met een voertuig waarvan zij geen eigenaar zijn (of waarvan de aankoop of financiering gebeurt door de onderneming), zijn steeds werknemers.

Handelsvertegenwoordigers

Personen die klanten opsporen en bezoeken, en die met hen onderhandelen en zaken afsluiten (verzekeringen uitgezonderd) zijn werknemers.

Ook hier kan het nog gaan om een zelfstandige indien de partijen aantonen dat er geen gezag bestaat. De voorwaarden waarin de handelsvertegenwoordiger prestaties verricht, zijn bepalend. Een vaste en toegewezen sector, de overhandiging van lijsten met te bezoeken klanten, het verplicht bijwonen van vergaderingen, … zijn elementen die wijzen op de uitoefening van gezag.

Huisarbeiders

Personen die op een zelf gekozen plaats (meestal thuis) grondstoffen of gedeeltelijk afgewerkte producten bewerken die een handelaar hen bezorgt, zijn steeds werknemers.

Het kan ook gebeuren dat die huisarbeiders zelf werknemers aanwerven om hen te helpen. Dan doen zich twee mogelijkheden voor:

  • indien de huisarbeider niet meer dan vier helpers heeft, zijn zij allen werknemers van de opdrachtgever
  • indien de huisarbeider gewoonlijk meer dan vier helpers tewerkstelt, is hij een aannemer van werk en dus een zelfstandige. Hij moet zijn helpers aangeven bij de RSZ.

Deze regels gelden alleen voor manuele arbeid. Personen die intellectuele huisarbeid verrichten zoals bv. vertaalwerk, geeft men slechts aan bij de RSZ indien zij werken in het kader van een arbeidsovereenkomst.

Kunstenaars

Personen die in opdracht en tegen betaling van een loon artistieke prestaties leveren of artistieke werken produceren, zijn werknemers. Het kan hier gaan om de creatie, de uitvoering of de interpretatie van artistieke werken in de audiovisuele en de beeldende kunsten, in de muziek, de literatuur, het spektakel, het theater en de choreografie.

Uitzonderingen:

  • de kunstenaar die prestaties levert of werken produceert ter gelegenheid van gebeurtenissen in zijn familie
  • de kunstenaar die bewijst dat hij zich niet in een relatie werkgever-werknemer bevindt
  • de persoon die artistieke prestaties levert en/of artistieke werken produceert voor een rechtspersoon waarvan hij mandataris is
  • kunstenaars die vallen onder de regel van de zgn. kleine vergoedingen. Het zijn zij die maximum dertig dagen per jaar prestaties leveren en een dag- en jaarbedrag verdienen dat onder vastgestelde grenzen blijft (momenteel ±110,00 EUR per dag en ±2230,00 EUR per jaar).

Er bestaat een "Commissie Kunstenaars" met de volgende taak:

  • de kunstenaars informeren over hun rechten en plichten inzake sociale zekerheid
  • advies verlenen over de vraag of de kunstenaar werknemer is of zelfstandige
  • het afleveren van een zelfstandigheidsverklaring. Tijdens de geldigheidsduur van die verklaring, geldt die als bewijs van het zelfstandig statuut.

Meer informatie over het statuut van kunstenaar vindt u op de Portaalsite van de Sociale Zekerheid.

Lasthebbers

De personen die als voornaamste activiteit en tegen een echt loon, het dagelijks beheer waarnemen van niet-commerciële verenigingen, zijn werknemers. Het gaat hier om dagelijks bestuurders van verenigingen of organisaties zoals ziekenfondsen, vzw's ...

Leerlingen

Leerlingen zijn gelijkgesteld met gewone werknemers. De belangrijkste categorieën zijn:

  • middenstandsleerlingen (opleidingen tot bakker, beenhouwer, ..)
  • industriële leerlingen (metaal, bouw, …).

Onthaalouders

De natuurlijke personen die instaan voor de opvang van kinderen in gezinsverband en die aangesloten zijn bij een erkende dienst voor kinderopvang, zijn steeds werknemers.

Meer informatie over het statuut van de erkende onthaalouders vindt u op de Portaalsite van de Sociale Zekerheid.

Personenvervoerders

Chauffeurs die in opdracht van een onderneming personen vervoeren met een voertuig waarvan zij geen eigenaar zijn (of waarvan de financiering gebeurt door de onderneming), zijn steeds werknemers. Voor taxichauffeurs gelden er speciale regels.

Sportbeoefenaars

Sportbeoefenaars die zich voorbereiden op of die deelnemen aan sportwedstrijden of -evenementen onder het gezag van een andere persoon, zijn steeds werknemer als hun loon een bepaald grensbedrag overschrijdt. Dezelfde regel geldt voor trainers en voetbalscheidsrechters.

De overige sportbeoefenaars zijn slechts werknemer indien zij werken in uitvoering van een arbeidsovereenkomst en dus prestaties leveren onder gezag en tegen betaling van een loon.

Statutairen (bij de overheid)

In de overheidsdiensten (Federale Overheidsdienst, leger, instelling van openbaar nut, gemeenschapsonderwijs,...) zijn er naast de personen die werken in het kader van een arbeidsovereenkomst, ook statutaire personeelsleden (al dan niet in vast verband benoemd). Ook voor de statutaire personeelsleden is de wetgeving van de werknemers uitdrukkelijk toepasselijk gemaakt.

Beperkte onderwerping aan het sociaal zekerheidsstelsel

Een "gewone" werknemer die bij de RSZ is aangegeven, neemt deel aan alle regelingen van de sociale zekerheid. Werkgever en werknemer betalen aan de RSZ bijdragen voor alle takken van de sociale zekerheid: pensioen, werkloosheid, kinderbijslag, ziekteverzekering, vakantie (voor de handarbeiders), arbeidsongevallen en beroepsziekten.

Daarop zijn een aantal uitzonderingen.

  • Zo betalen jongeren tot 31 december van het jaar waarin zij 18 jaar oud worden geen bijdragen voor pensioenen, betalen geneesheren in opleiding tot specialist geen bijdragen voor pensioenen en werkloosheid, gelegenheidsarbeiders in de tuinbouw geen bijdragen jaarlijkse vakantie, …
  • In het onderwijs en in de openbare sector betaalt de werkgever dikwijls zelf bepaalde uitkeringen van de sociale zekerheid. Zo zijn er instellingen of diensten die zelf de kinderbijslag uitbetalen aan hun personeelsleden, die zelf vergoedingen betalen in het geval van ziekte of van een arbeidsongeval, …. Voor de takken van de sociale zekerheid waarvoor die werkgevers zelf de uitkeringen aan de werknemer betalen, is geen bijdrage aan de RSZ verschuldigd.

Welke werknemers niet bij de RSZ aangeven?

Bepaalde personen zijn dan wel werknemer. Hun werkgever moet hen echter niet bij de RSZ aangeven wegens de beperkte duur van hun prestaties.

Socio-culturele sector

Onder de volgende voorwaarden geven bepaalde activiteiten in de socio-culturele sector geen aanleiding tot aangifte bij de RSZ:

  • tewerkstelling als leider, beheerder, huismeester, monitor, animator, leider, voordrachtgever, lesgever
  • activiteiten in het kader van socio-culturele vorming, sportinitiatie, vakantiesporten, speelpleinen, vakantiekolonies
  • voor verenigingen die geen winst nastreven
  • voor maximum 25 dagen per jaar
  • vóór de tewerkstelling aangifte doen bij de Sociale Inspectie van de FOD Sociale Zekerheid.

Sportmanifestaties

De inrichters van sportmanifestaties en de personen die zij op de dag van die manifestaties tewerkstellen, zijn eveneens vrijgesteld van bijdragen:

  • voor maximum 25 dagen per jaar
  • indien de werknemers ingeschreven zijn in een speciaal daartoe voorzien register
  • geldt niet voor sportbeoefenaars.

Landbouwactiviteiten

Arbeiders die tewerkgesteld zijn bij bepaalde landbouwteelten (planten en plukken van hop en tabak, kuisen en sorteren van wilgen), moet de werkgever niet bij de RSZ aangeven:

  • indien de prestaties niet meer bedragen dan 25 dagen per jaar
  • indien de arbeider in hetzelfde jaar niet in de landbouwsector werkte
  • indien de tewerkstelling plaatsvindt binnen de wettelijk vastgestelde periodes.

Studenten

Studenten die voldoen aan de onderstaande voorwaarden zijn, buiten een kleine solidariteitsbijdrage, niet aan de sociale zekerheid onderworpen:

  • tewerkgesteld met een schriftelijke overeenkomst voor studenten, bedoeld bij titel VII van de arbeidsovereenkomst van 3 juli 1978,
  • niet meer werken dan 50 kalenderdagen (= het contingent), vrij te kiezen over het volledige kalenderjaar,
  • niet werken tijdens de momenten waarop ze geacht worden cursussen of andere activiteiten te volgen.

Huispersoneel - Dienstboden

Dienstboden zijn werknemers die hoofdzakelijk manuele prestaties verrichten voor de huishouding van de werkgever of van zijn gezin (was, strijk, schoonmaak, ...).

Is geen dienstbode:

  • de werknemer die in opdracht van een onderneming werkt bij een privé-gezin
  • de werknemer die deze prestaties verricht voor een gemeenschap die geen feitelijk gezin vormt (bv. een klooster)
  • de werknemer die instaat voor het onderhoud van de gemeenschappelijke delen van een appartementsgebouw.

Een dienstbode wordt niet bij de RSZ aangegeven indien:

  • de dienstbode nooit vier uur of meer per dag bij de werkgever werkt
  • de dagprestaties van vier uur of meer (bij één of meer werkgevers), in totaal minder dan vierentwintig uur per week bedragen.

Een dienstbode die bij het gezin inwoont wordt steeds aangegeven.

Huispersoneel - ander

Ander huispersoneel dan dienstboden, zijn de werknemers:

  • die prestaties van intellectuele aard verrichten voor het huishouden (bv. kinderoppas, privé-verpleegster, gezelschapsdame)
  • die manuele prestaties die niet van huishoudelijke aard zijn verrichten voor rekening van het gezin (bv. privé-chauffeur, klusjesman, tuinman).

Voor hen is er geen aangifte bij de RSZ vereist voor elke week waarin de duur van de tewerkstelling niet meer dan acht uur bedraagt (bij één of meer werkgevers).

Wat bij grensoverschrijdende tewerkstelling?

Het Belgische socialezekerheidsstelsel geldt niet uitsluitend voor Belgen die in België werken. Het kan eveneens van toepassing zijn op buitenlanders die in België werken, op Belgen die in het buitenland werken en soms zelfs op buitenlanders die in het buitenland werken. Hieronder vindt u een overzicht van de belangrijkste principes bij grensoverschrijdende tewerkstelling.

Algemeen

Het Belgische socialezekerheidsstelsel is algemeen gesteld van toepassing op de werknemer die in België werkt en:

  • van wie de werkgever in België gevestigd is
  • van wie de werkgever in het buitenland gevestigd is maar in België een exploitatiezetel heeft waarvan de werknemer afhangt.

De nationaliteit van de werknemer speelt daarbij geen rol.

Bij grensoverschrijdende tewerkstelling zijn er nogal wat afwijkingen op deze algemene regel. We onderscheiden:

  • tewerkstellingen in landen waarmee België verbonden is door een internationaal verdrag of een overeenkomst inzake sociale zekerheid
  • tewerkstellingen in landen waarmee België geen overeenkomst heeft afgesloten.

Tewerkstelling in landen waarmee België een overeenkomst heeft afgesloten

De Verordening EG 883/2004

De Verordening EG 883/2004 is veruit de belangrijkste overeenkomst. Zij bepaalt sinds 1 mei 2010 de toepasselijke socialezekerheidswetgeving voor de onderdanen van al de lidstaten van de Europese Unie die hun beroepsactiviteiten uitoefenen in een of meerdere van deze landen. Vanaf 1 april 2012 is de Verordening eveneens van toepassing op Zwitserland en vanaf 1 juni 2012 op IJsland, Noorwegen en Liechtenstein.

Sinds 1 januari 2011 is deze verordening in bepaalde gevallen ook van toepassing op onderdanen van derde landen die alleen vanwege hun nationaliteit niet onder de bepalingen van die verordening vallen, op voorwaarde dat zij legaal op het grondgebied van één van de genoemde landen verblijven en zich niet in een situatie bevinden die volledig in de interne sfeer van één lidstaat ligt.

Belangrijke opmerking: indien een persoon op grond van de Verordening EG 883/2004 onderworpen is aan de wetgeving van een andere lidstaat dan die waaraan die persoon op grond van titel II van de Verordening EEG 1408/71 reeds onderworpen is, blijft hij onderworpen aan de wetgeving die op hem van toepassing was, en dit gedurende een maximumperiode van 10 jaar, op voorwaarde dat:

  • de situatie van de betrokken persoon ongewijzigd blijft;
  • de betrokken persoon niet zelf om de toepassing van de nieuwe verordening verzoekt.

De belangrijkste principes zijn de volgende:

  • de werknemer werkt op het grondgebied van één lidstaat:
    hij is onderworpen aan de wetgeving van het land waar hij werkt, zelfs als hij in een andere lidstaat woont en/of zijn werkgever in een andere lidstaat is gevestigd
  • de werknemer werkt tegelijkertijd op het grondgebied van twee of meer lidstaten.
    Er zijn heel wat verschillende vormen van gelijktijdige tewerkstelling mogelijk:

    • werken in loondienst op het grondgebied van twee of meer lidstaten voor rekening van één werkgever of voor rekening van meerdere werkgevers gevestigd in verschillende lidstaten
    • tegelijkertijd werken in loondienst en als zelfstandige
    • tegelijkertijd werken in loondienst en als ambtenaar


    De verordening stelt voor alle mogelijke gevallen de toepasselijke wetgeving vast. Dit gebeurt volgens het principe dat de wetgeving van slechts één lidstaat van toepassing is (dikwijls die van het woonland).
    De werknemer valt steeds voor het geheel van zijn prestaties onder de aangeduide wetgeving. Wanneer een werknemer voor meerdere werkgevers werkt, moet elk van hen zich dus aansluiten bij de socialezekerheidsinstelling van het bevoegde land.

  • De werknemer werkt tijdelijk in een ander land (detachering)
    Een werkgever kan zijn werknemer uitsturen naar een andere lidstaat om daar voor zijn rekening te gaan werken. Hij kan ook een werknemer aanwerven met de bedoeling hem onmiddellijk uit te sturen naar een ander land.
    Meestal blijft de werknemer onderworpen aan de wetgeving van het land waar hij normaal werkt of waar hij aangeworven werd. De oorspronkelijk vastgestelde duur van tewerkstelling in het andere land mag niet meer dan 24 maanden bedragen. Onder bepaalde voorwaarden is een uitzonderlijke verlenging mogelijk tot maximaal 5 jaar in totaal. De werkgever of de werknemer moet aan de bevoegde instelling van het uitsturende land een detacheringsbewijs aanvragen. Voor België is deze bevoegde instelling de RSZ. De aanvragen kunnen elektronisch gebeuren op de Portaalsite van de Sociale Zekerheid.

Bilaterale akkoorden

België heeft met de volgende landen een overeenkomst inzake sociale zekerheid afgesloten: de Verenigde Staten, Canada, San Marino, Joegoslavië (geldt enkel nog voor Servië, Macedonië, Bosnië-Herzegovina en de republiek van Montenegro), Turkije, Algerije, Marokko, Tunesië, Israël, Chili, Australië, Kroatië, de Filippijnen en Japan.

De meeste van deze overeenkomsten zijn enkel van toepassing op de onderdanen van de contracterende landen. De overeenkomsten afgesloten met Australië, Canada en de Verenigde Staten voorzien wel in de mogelijkheid om niet-onderdanen te detacheren.

De belangrijkste principes van de verschillende overeenkomsten zijn de volgende:

  • de werknemer werkt op het grondgebied van één land:
    hij valt onder toepassing van het socialezekerheidsstelsel van dat werkland

  • de werknemer werkt tegelijkertijd op het grondgebied van beide landen:
    hij valt onder toepassing van het socialezekerheidsstelsel van elk land voor de activiteiten die hij daar uitoefent. Iedere werkgever moet zijn verplichtingen nakomen t.o.v. de socialezekerheidsinstellingen van elk land waar hij werknemers tewerkstelt.

  • detachering:
    de detacheringsregels van de verschillende bilaterale overeenkomsten zijn nagenoeg gelijk aan die van de EEG-Verordening.

    Zo bedraagt de detacheringsduur in de meeste overeenkomsten maximaal 12 maanden, eventueel te verlengen met een periode van nog eens maximaal 12 maanden en uitzonderlijk tot 5 jaar in het totaal. Bij een detachering vanuit België kan men de detacheringsformulieren aanvragen via de Portaalsite van de Sociale Zekerheid.

    In bepaalde overeenkomsten is de detacheringsduur vastgelegd op 2 jaar (Canada, Chili, Turkije, Kroatië en de Filippijnen ) of op 5 jaar (Australië, Japan en de Verenigde Staten van Amerika), zonder mogelijkheid tot verlenging. Afwijkingen op de aanvankelijke detacheringsduur van 2 jaar (tot 5 jaar in totaal) zijn eventueel mogelijk (aan te vragen bij de Dienst Internationale Overeenkomsten van de RSZ).

Het Europees verdrag inzake sociale zekerheid

Dit verdrag is van toepassing op de onderdanen van de volgende landen voor zover de Verordening EG 883/2004 of de Verordening EEG 1408/71 niet van toepassing zijn: België, Oostenrijk, Spanje, Luxemburg, Nederland, Portugal, Turkije en Italië.

In de praktijk gebruikt de RSZ het bijna uitsluitend in gevallen van tewerkstelling op Turks grondgebied waarvoor het Belgisch-Turks akkoord geen toepassing vindt door de nationaliteit van de werknemer (bijvoorbeeld detachering van een Spaanse werknemer vanuit België naar Turkije).

Tewerkstelling in landen waarmee België geen overeenkomst heeft afgesloten

Wanneer een werkgever zijn Belgisch verzekerde werknemer uitstuurt naar een land waarmee België geen overeenkomst inzake sociale zekerheid heeft afgesloten, valt deze werknemer in principe niet langer onder de Belgische wetgeving. Indien de voorziene duur van de tewerkstelling echter niet meer dan 6 maanden bedraagt, kan de werknemer toch nog aan de Belgische wetgeving onderworpen blijven. De werknemer mag zich in dat geval niet aansluiten bij de Dienst voor Overzeese Sociale Zekerheid. De werknemer kan voor een periode van nog eens zes maanden onder het Belgische stelsel blijven, als de werkgever de RSZ, vóór het verstrijken van de eerste zes maanden van de verlenging, op de hoogte brengt.

Wanneer een werkgever zijn werknemer voor onbepaalde tijd uitstuurt of voor een periode die van bij het begin vastgesteld is op meer dan 6 maanden, mag hij hem in geen geval meer bij de RSZ aangeven. De werknemer kan indien hij dat wenst deelnemen aan het stelsel van de Overzeese Sociale Zekerheid.

^ Back to Top